Wat is: Piping?

Dijken beschermen ons land tegen overstroming. Zonder dijken en duinen zou de helft van Nederland onder water staan. Maar dijken kunnen bezwijken. Een van de oorzaken daarvan is piping. Maar wat is dat eigenlijk? En hoe kunnen we het voorkomen?

Piping kán voorkomen tijdens hoogwatersituaties. Door het grote verschil in waterstand vóór en achter de dijk, ontstaan grote drukverschillen. Door die drukverschillen kan water ónder de dijk doorstromen en achter de dijk weer tevoorschijn komen. Hier ontstaat een wel, een plek waar (kwel-)water uit de grond omhoog komt.

Dit is op zich niet ongebruikelijk, maar wanneer het hoge water en het verschil in waterdruk aanhouden, kan water door de zandlaag onder de dijk gaan strómen. Wanneer dit stromend water zanddeeltjes meeneemt, ontstaat de kans dat er een kanaal (pipe) ontstaan onder de dijk door ontstaat. Als dit proces langer doorgaat, kan uitslijting van het kanaal uiteindelijk leiden tot het instorten van de dijk. En dat is natuurlijk levensgevaarlijk.

Samengevat, piping kan ontstaan tijdens hoogwatersituaties. Door uitholling van de ondergrond van de dijk, kan de dijk uiteindelijk instorten. Dijkwachten van het waterschap controleren daarom altijd tijdens hoogwater of ze wellen (water aan de oppervlakte) zien. In sommige gevallen is het dan nodig om maatregelen te nemen, zoals bijvoorbeeld het vergroten van tegendruk door middel van zandzakken of puin.

Overstromingen zijn in Nederland en ook in deze regio nooit helemaal uit te sluiten. Maar we doen er alles aan om de kans erop zo klein mogelijk te houden en de gevolgen zoveel mogelijk te beperken. Daarom is het van groot belang om ook de ondergrond van de dijk goed in kaart te brengen. Een dijk op zand of op een dikke kleilaag geeft geen risico op piping. Een ondergrond van zand met daarop een kleilaag wel. Er is al veel bekend over de bodemopbouw. Aanvullend grondonderzoek zorgt ervoor dat we nog beter weten welke maatregelen we moeten nemen om de dijken te versterken. Want voorkomen is ook hier beter dan genezen.

In het najaar van 2017 wordt nader onderzocht waaruit de grond in het projectgebied bestaat. Dit gebeurt door middel van boringen. In de winterperiode (als de oogst van het land is) wordt de dikte van de kleilaag nauwkeuring in beeld gebracht. Dit gebeurt met een karretje met daarop een apparaat dat electro-magnetische golven uitzendt. De resultaten worden grondig bestudeerd en meegenomen in het totale onderzoek van de Meanderende Maas.